Posts tonen met het label Rolontwikkeling. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Rolontwikkeling. Alle posts tonen

dinsdag 26 april 2016

LA2 afgerond!!!

YES!!!! Gisteravond de beoordeling van LA2 ontvangen: die kan ik afvinken!


Ik kan zeggen dat ik oprecht trots op mezelf ben dat ik een beoordeling Goed heb ontvangen (zie link hieronder). Super fijn om na het zwoegen om LA1 binnen te slepen, nu gewoon in 1x de buit binnen te hebben. Ook ben ik erg blij met de feedback van Marleen: ze heeft echt aandacht besteed aan kwalitatief goede en rijke feedback, -up en -forward. Dat geeft me weer een mooi inzicht in het studentenperspectief: feedback is gewoon enorm belangrijk om zowel gemotiveerd te raken en te blijven als om de beoordeling op taakniveau goed te kunnen plaatsen/ begrijpen.

Bedankt, Marleen!

Beoordeling LA2

maandag 25 april 2016

LA5-1

Zo! Twee weken geleden was de deadline voor het inleveren van de producten (waaronder het self-assessment) van LA2. Tot de laatste minuut heb ik nog keihard zitten werken om het voor aanvang van de bijeenkomst op maandag "al" in te kunnen leveren. Daarom geen tijd gehad om me voor te bereiden op de aftrap van LA5-1. Dat was wel even schrikken toen het tijdpad in beeld kwam!!!
 Na twee weken (vandaag dus) is het de bedoeling dat je een probleemstelling hebt geformuleerd en een globale opzet hebt gemaakt voor je theoretisch kader. Twee weken dáárna (09 mei) zou je de eerste opzet mogen inleveren van je onderzoeksplan.

Adem in - adem uit - adem in - adem uit.....

Ik heb dus nu al een achterstand, want ik ga morgen pas (weer) in gesprek met mijn collega's met als doel om een goed onderwerp voor mijn praktijkonderzoek te vinden. Een onderwerp! Dus nog geen probleemstelling! En ook nog zeker geen opzet voor een theoretisch kader!
Verder ben ik ook erg bang dat mijn collega's echt niet zitten te wachten op mijn verzoek om mee te denken en/ of mee te doen, aangezien ze het al ENORM druk hebben met de curriculumherziening. Mijn belangrijkste doel wordt dan ook om ze duidelijk te maken dat ik ze met mijn onderzoek hopelijk juist kan ondersteunen; door minder goed lopende processen in kaart te brengen, door de mooie plannen die ze hebben bedacht ook te evalueren, of door een interventie die ze hopelijk lastenverlichting gaat opleveren. Dat laatste kunnen door een meer effectieve aanpak of organisatie van het onderwijs, maar zeker ook door een toenemende motivatie van studenten, waardoor het voor zowel docent als student prettiger werken is.

Ik heb ervoor gekozen om morgen tijdens de team2daagse een korte presentatie te geven van mijn curriculumanalyse en mijn trapmodellen, de collega's en evt aanwezige studenten te vragen een vragenlijst in te vullen, om mogelijke onderzoeksonderwerpen boven tafel te krijgen èn uiteraard met de verschillende teams in gesprek te gaan over waar hun innovatiebehoeften liggen. ijn hoop is dat ik dus na morgen een goed beeld heb van wat er leeft en waaraan komend studiejaar het meeste behoefte is. Ik hou mijn hart vast...

Tijdens de korte vakantie die we als gezin gepland hebben, gaan er dus studieboeken mee, net als de laptop, om niet teveel achterop te raken.Het tijdpad vind ik erg krap bemeten, vooral als je bedenkt dat een week vakantie eigenlijk minder werkbare uren heeft door de aanwezigheid van de kinderen. Hartstikke gezellig, maar je kunt niet echt meters maken!

We gaan zien hoe ver we komen: eerst morgen maar eens aan de bak!

maandag 4 april 2016

Intervisie functioneren ontwerpbureau

Als afsluiting van LA2 mochten we van Adriaan weer met elkaar in gesprek over hoe we de samenwerking in ons ontwerpbureau hebben ervaren. We kozen (wederom) twee kernkwaliteiten per persoon en hebben uitgewerkt hoe wij vonden dat we die kwaliteiten hebben ingezet en wat anderen daarvan gemerkt konden hebben. Vervolgens mochten de teamleden van het ontwerpbureau op de achterkant hun ervaringen met mij beschreven. Het viel ons op dat daar eigenlijk vooral ruimte was voor positieve feedback en er niet echt ruimte was voor verbeterpunten. Op de foto's zijn mijn eigen bijdrage en die van Marlon, Martine en Annette te zien.

Hoewel het heel prettig is om te lezen dat je bijdrage aan het team gewaardeerd wordt, is het natuurlijk ook belangrijk om te weten waarin je nog kunt groeien. Dit staat dus niet op de foto's. De dames hadden voor mij unaniem als tip om mijn bijdrage aan de conversatie wat beter aan te laten sluiten bij het niveau van het gesprek. Ze hebben mij ervaren als iemand die heel snel dingen doorziet, de helicopterview te pakken heeft of (iets praktisch als) Engelstalige informatie kan vertalen. Daarmee kies ik soms taalgebruik dat niet aansluit bij mijn gesprekspartner(s), die daardoor veel moeite moeten doen om mij te begrijpen ("Als jij iets zegt dan moet ik eerst zelf twee denkstappen maken, voordat ik begrijp wat jij bedoelt").
Marlon, Martine en Annette gaven aan dat ze denken dat dit ook samenhangt met mijn werksetting: het HBO, omdat daar vaker over onderwijs wordt gesproken (of op een andere manier) dan in hun werkomgeving (PO, VMBO en MBO).
 
Ik heb deze feedback even op me in laten werken en ben trots op de feedback die de dames op de formulieren hebben geschreven! Het aandachtspunt herken ik, hoewel ik er ook wel even van schrok, omdat het unaniem was en het blijkbaar vrij duidelijk was dat iedereen deze tip zou geven. Daar ben ik dan toch niet voldoende alert op geweest.... Ik ben erachter gekomen dat het me best goed lukt om (bij anderen) een structuur te doorzien. De manier waarop ik getracht heb te helpen is dus blijkbaar toch niet helemaal de goede geweest, ondanks dat iedereen aangeeft de hulp uiteindelijk wel te waarderen (als mijn boodschap bij ze geland is). Ik neem als tip mee dat ik vaker moet checken of mijn feedback of hulp duidelijk is. Het raakt ook een ontwikkelpunt dat ik al heel lang met me meesleep, namelijk dat ik vrij direct ben en dat ik arrogant over kan komen. Hier probeer ik me al heel lang bewust van te zijn en eraan te werken, maar af en toe steekt het weer de kop op.
 
Ergens vind ik het ook wel een verkapt compliment trouwens, omdat het "snel" zijn denk ik ook een bepaalde kwaliteit weergeeft: snel dingen doorzien en snappen en snel op metaniveau kunnen kijken zijn wel kwaliteiten die ik een MLI-er toedicht. Nu nog de juiste toon aanslaan dus!
Achteraf gezien denk ik ook dat er naast mijn eigen verantwoordelijkheid voor dit punt (veruit het belangrijkste!) ook een stuk verantwoordelijkheid bij mijn teamleden ligt: als ik niet duidelijk ben of te snel ga, mogen ze me dat natuurlijk altijd direct teruggeven. Ik hoop dat ik mezelf toegankelijk genoeg heb opgesteld voor deze just-in-time feedback en neem alle punten (dus zeker ook de positieve!) mee naar LA5!


donderdag 24 maart 2016

Gesprek met Saskia Weijzen

Bij het inlezen in de literatuur over vraaggestuurd onderwijs, kwam ik terecht bij een artikel in OnderwijsInnovatie (sept. 2010) met als titel: "Drive, model voor vraagsturing in het beroepsonderwijs" geschreven door Nina Aalfs en Saskia Weijzen. Een erg interessant artikel waar ik veel aan heb gehad bij met name het opstellen van mijn trapmodellen. De naam van de tweede auteur kwam me erg bekend voor; ik heb ooit een workshop bij Saskia gevolgd! Ik las over de auteurs dat zij destijds verbonden waren aan Interstudie NDO, een bureau verbonden aan de HAN, mijn werkgever. Ik heb even een zoekopdrachtje in het systeem gegooid en het bleek dat Saskia nog steeds, weliswaar in een andere functie, werkt aan de HAN. Ik heb haar een bericht gestuurd waarin ik haar heb gevraagd of ze me kon aangeven of er ook een wetenschappelijk onderzoek aan dit model (Drive) ten grondslag ligt, of ze eventueel nog literatuursuggesties voor me had en dat ik erg geïnteresseerd was in de Toolkit waarover gesproken werd in het artikel. Tot slot de stoute schoenen aangetrokken en haar gevraagd of ze bereid was een keer met mij in gesprek te gaan naar aanleiding van hun model.
Saskia reageerde enthousiast en een week later zaten we samen aan tafel. Ze had de Toolkit meegenomen en deze mocht ik ook lenen om rustig te bekijken. We hebben een uur samen gesproken over het model, de achtergrond ervan en vooral over de toepassingsmogelijkheden ervan in mijn herontwerp.

Over de achtergrond van het model vertelde Saskia dat het was opgezet als impliciet handelingsmodel dat eigenlijk met opzet niet heel expliciet was gemaakt om juist het denkkader neer te zetten voor motivatie, autonomie en vraagsturing. Ook was het vooral gericht op docenten, terwijl ik in mijn trapmodel vooral ook het perspectief van de student wilde belichten. We kwamen erachter dat dit eigenlijk heel goed mogelijk is en de handleiding bij de Toolkit gaf zelfs al heel mooie handreikingen voor die andere invalshoek.

Verder lichtte Saskia toe dat in deel 4 van het model, docenten kiezen hoe ze studenten kunnen coachen om de keuze van de student in het perspectief kunnen plaatsen van het beroepsbeeld, hun competenties en hun persoonlijke uitdagingen. Dit gaf mij inspiratie voor de coachende rol van de docent in lokaal 2 zoals ik die in de uitwerking van mijn eerste idee in het herontwerp heb beschreven.

Ook bespraken we hoe je studenten ook uitdagende leervragen kunt laten formuleren. Niet elke docent, verbonden aan de opleidingen waarin Saskia en Nina het model hebben geïmplementeerd, bleek dit te kunnen. Dat vroeg om training. Dit is dus ook iets waar onze opleiding rekening mee zal moeten houden. Eén van de mogelijke oplossingen voor het probleem van weinig uitdagende leervragen bij studenten, is om in gesprek te gaan over de drijfveren in relatie tot het toekomstige beroep/ de studie/ persoonlijke omstandigheden (de andere elementen uit het model).

Omdat het model is opgesteld als impliciet denkkader, was het niet gekoppeld aan een bepaalde leerlijn/ lessenreeks. Dit zorgde ervoor dat het vooral als een soort SLB-tool op meta-niveau werd toegepast en dat de suggesties in de Toolkit als een soort afvinklijstje met lesopzetten werden gehanteerd. Dit terwijl het idee dus pertinent NIET was om aan elke dimensie van het model 1 les te besteden, maar juist om het model meerdere keren te doorlopen aan de hand van steeds andere contexten en/of leervragen. De toepassing van het model in de opzet van mijn herontwerp zou hiervoor naar mijn mening meer mogelijkheden bieden, omdat studenten bezig zijn met opdrachten die direct gekoppeld zijn aan de reële beroepscontext.

Na afloop van het gesprek heb ik nog een E-book (De echte dingen: essays over de kwaliteit van onderwijs) ontvangen met interessante thema's en suggesties voor verdere literatuur die ik kon gebruiken. Zo is er uiteindelijk ook een stuk van Philip Dochy op de literatuurlijst terechtgekomen.

Ik vond het een erg prettig gesprek en ben blij dat Saskia tijd voor me vrij heeft willen maken en zo behulpzaam is geweest. Prettig ook om te horen dat zij ook mogelijkheden zag voor de implementatie van aspecten uit haar model in mijn herontwerp.

Tot slot heb ik geleerd dat het uitbreiden van je netwerk niet eng hoeft te zijn... Ik ben nogal terughoudend als het gaat om het benaderen van mensen die ik niet ken. Omdat ik Saskia lang geleden al eens ontmoet had, was de drempel nu lager, maar het bleef een relatief onbekend persoon. Ik mag denk ik wat meer op mezelf vertrouwen dat ik zo langzamerhand al een wat grotere kennisbasis heb opgebouwd, waardoor ik best een gesprek over onderwijsinnovatie kan voeren met een expert. Zo kreeg ik voorzichtig de indruk dat ze best positief was over het perspectief van de student dat ik had gekozen en de toepassing in de beroepsopdracht. Ik voel me nog geen 100% volwaardig gesprekspartner, maar ik voel wel dat ik op de goede weg ben! Veel doen....

woensdag 16 maart 2016

Denktank




Inmiddels alweer een week geleden heb ik een bijeenkomst gehad met drie studenten (Siyar, 1e jaar, Maaike, 2e jaar en Marieke, 3e jaar) die gereageerd hadden op de volgende oproep op onze portal:

Titel

Hulp gevraagd: ik zoek een innovatieve blik! 

Hoofdtekst


Hallo allemaal, Voor mijn masterstudie Leren & Innoveren, ben ik op zoek naar studenten die een (paar?) keer met mij mee willen denken over een andere invulling van de tutorlessen met als doel om het aandeel van de docent kleiner, maar vooral het aandeel van de student groter te maken. Het heeft geen betrekking op een bepaalde OWE maar op de tutorlessen in het algemeen. Nu bepaalt de docent nog veel en niet altijd sluit dat aan bij de manier waarop jullie leren of op jullie voorkennis. Het is voor een opdracht die ik voor mijn studie moet doen en ik vraag het dus op persoonlijke titel en niet namens de opleiding. Maar wie weet: als we iets heel moois bedenken is de opleiding misschien wel geinteresseerd!!!??? Ik zou het fantastisch vinden als jullie met me mee zouden willen denken, want hoe moet ik als docent in mijn eentje bepalen op welke manier studenten (willen) leren? Dat gaat niet! Dus: mail me alsjeblieft, dan wil ik op korte termijn met jullie gaan zitten en dan zorg ik voor iets lekkers bij de koffie/thee! Groetjes, Laura

Ik was ontzettend blij dat zij het blijkbaar ook een belangrijk onderwerp vinden om over na te denken! De bijeenkomst startte met een uitleg van wat mijn opdracht inhoudt en een korte blik op de curriculumanalyse die ik heb gemaakt. Vervolgens heb ik de studenten gevraagd wat zij nu graag zouden willen bij het werken aan de integrale leerlijn/ de beroepsopdracht (ik heb expres het woord tutorlessen proberen te vermijden om ze de ruimte te geven om buiten de bestaande kaders te denken. Dit waren hun reacties:
Maaike: docent aanwezig is ook stok achter de deur, mogelijkheid om vragen te stellen. Info geven die al in de voorbereiding gevraagd wordt, is irritant.

Marieke: voorzitterrol helpt om je meer beter voor te bereiden. Docent heeft nu geen rol (minor) en studenten twijfelen dan of het goed is wat ze doen en vragen blijven soms liggen. Niet gewenst: wat heb ik nu eigenlijk gedaan?
Siyar: tutorles nu eerst gezamenlijk opstarten, dan even zelfstandig en dan weer met docent nabespreken. Daarbij notulist (legt belangrijke besproken zaken vast). Gezamenlijke producten zorgen wel voor aanwezigheids”verplichting”.  

Wat me direct opviel was dat de studenten bij meer zelfsturing vooral dachten aan de aan- of afwezigheid van de docent tijdens bijeenkomsten. De andere zaken die ze benoemden waren allemaal ook prima in te passen in de huidige vorm waarin de tutorlessen gegoten zijn en zijn meer voorbeelden van good practices.

Om ze uit "the box" te lokken heb ik een aantal van mijn eigen ideeën aan hen getoetst. We zijn daarbij vooral ingegaan op twee ideeën, namelijk:
1. Studenten bepalen zelf de groeperingsvorm
2. Studenten bepalen zelf op welke manier ze hun competenties willen aantonen

Dit waren reacties die volgden:

Groeperingsvormen: Marieke kan zich er wel in vinden om studenten zelf groepjes te laten maken met minimaal 1 product individueel. Gevaar: samenwerking is ook een competentie. Letten op meeliften.

Toetsvorm kiezen: studenten laten kiezen uit aantal verplichte toetsvormen en groeperingsvormen per jaar. Evt bijhouden op een soort ERL-formulier. Per periode aantal opties benoemen en goed uitleggen vooraf (intro-college)

Werkdruk docenten is een knelpunt.
Ook heel verhelderend om te zien dat studenten bij het bedenken van mogelijke alternatieven ook kijken naar de haalbaarheid voor de docent. Net als bij mezelf, merk ik dat ook studenten best veel moeite hebben om te denken buiten de bestaande kaders.

Uiteindelijk heb ik ze gevraagd om helemaal 'los' te gaan en op te schrijven wat zij in een ideale wereld graag zouden zien bij het werken aan de beroepsopdrachten. Zie hieronder hun ideeën (Maaike moest helaas eerder weg):

Siyar

·         Studiehandleiding moet duidelijk zijn en niet tussentijds veranderen

·         Opdrachten moeten goed gestructureerd zijn (volgens 1 format) in de handleiding.

·         Op dag 1 alle opdrachten globaal doornemen en daar een planning op maken

·         Groepjes at random indelen door de docent

·         Vragenrondje over de voorbereiding, dan info over de stof, dan zelf aan de slag, dan plenair bespreken (info uitwisselen met andere groepjes), dan weer een vragenrondje met aanvullingen van een docent. Eventueel dan weer verder met de opdracht waarbij docent bereikbaar is.

·         Sfeer motiveert: humor, interactie, gelijkwaardigheid docent-student.

·         In eerste jaar mag docent onderwerp/ doelgroep bepalen, in tweede jaar keus meer bij de student laten (ieder kiest wat hij/zij zelf meest interessant vindt)

Marieke:

·         Werkvorm: student een leidende rol, inspraak in werkvorm

·         Docent: duidelijke rol

·         Praktijkgericht: waarom doe/ oefen je dingen? Wat is de relatie met de praktijk? Gastdocent die extra uitleg geeft?

·         Mini-tutorgroepjes: groepjes zelf aan het werk met een voorzitter/ student-tutor, waarin je vragen, producten etc et elkaar bespreekt. De docent-tutor is aanwezig en overziet het proces.
* Toetsing: collegiaal gesprek waarin je kritisch denken/ klinisch redeneren. Feedback op het proces
Al met al genoeg stof om over na te denken! Het concept "sfeer" spreekt me bijvoorbeeld erg aan en ik denk erover o te onderzoeken in hoeverre ik hier bijvoorbeeld iets mee kan in LA5! Verder valt het verschil in zelfsturend denken me op tussen de aanwezige eerstejaars student en de derdejaars student. Toeval? Of een overall-geldend principe? 
Ik blijf contact houden met de studenten en spreek hen (en hopelijk nog meer studenten) snel weer!

Epiphany

Zo af en toe laat ik mijn gedachten eens gaan over hoe het nu gaat. En dan doel ik op de relatie Laura - MLI. Aanleiding daartoe waren het gesprek met Michiel van een week of twee geleden en mijn R&O-gesprek (functioneringsgesprek) van 2 weken geleden.
Ik ben tot wat inzichten gekomen die ik toch even op mijn blog wilde posten.

Bij het terugblikken op mijn functioneren van het afgelopen jaar, werd mij ter voorbereiding op het R&O-gesprek onder andere gevraagd wat ik dacht dat mijn bijdrage was geweest aan het (propedeuse)team. Ik heb daarover nagedacht en kwam tot de conclusie dat ik denk dat ik voor het team misschien van waarde ben geweest, omdat ik de grote lijnen van ons onderwijs goed ken, goed op de hoogte ben van kaders (drempels, wetgeving) en goed vooruit kan kijken naar de consequenties van eventuele onderwijsveranderingen/ -vernieuwingen op de lange termijn. In het gesprek zelf, waarbij 1 van de teamleden aanwezig was, werd dit ook bevestigd: Laura heeft de kaders goed in het vizier en kan ons terugfluiten als we iets bedenken wat niet kan. Dit werd als zeer waardevol betiteld. Ik neem natuurlijk graag een compliment in ontvangst en vind het ook fijn om te weten dat mijn beeld van mezelf overeenkomt met het beeld dat anderen van mij hebben, maar toch zag ik ook een duidelijke keerzijde aan de verbaal ontvangen medaille.
Tijdens de voorbereiding op het gesprek realiseerde ik me ineens dat ik mijn kracht (goed zicht op de kaders) ineens was gaan zien als een valkuil: de kaders werken beperkend en geven niet de mogelijkheid om na te denken over hoe we het ECHT zouden willen. We proberen als team wel na te denken over allerlei vernieuwende ideeën, maar Laura fluit terug als het niet binnen de kaders past. Langzaam kom ik steeds meer tot het inzicht dat je misschien toch eerst vrij van kaders moet denken om het maximale uit goede ideeën te halen om DAARNA te kijken of en zo ja hoe het dan binnen de kaders in te passen is. En als dat niet kan, dan moeten de kaders misschien wel veranderen! We moeten eerst (in nauwe samenwerking met studenten en het werkveld) in gesprek over hoe we het WILLEN en daarna pas over wat KAN. Tot deze 'openbaring' vond ik de kaders te belangrijk, omdat ik bang was dat we veel werk en energie zouden steken in iets dat uiteindelijk vanwege de kaders toch niet gerealiseerd zou kunnen worden, met een dramatische duikvlucht van de motivatie tot gevolg. Nu denk ik dat het proces van creëren je mogelijk de energie geeft om de kaders indien nodig te veranderen.

Verder heb ik me tijdens het gesprek met Michiel gerealiseerd dat ik nog moeite heb om mezelf te profileren in de 4 rollen van de MLI, simpelweg vanwege het feit dat ik maar twee halve dagen op de opleiding Logopedie aanwezig ben. En binnen die tijd ben ik ook nog verreweg de meeste tijd ingeroosterd. Om die reden kies ik ervoor om in de vierde en laatste periode van het jaar, waarin ik geen onderwijsactiviteiten meer heb (jaartaak reeds overschreden), toch vaak aanwezig te zijn op de opleiding om in gesprek te gaan met collega's en studenten en mee te kijken bij collega's om nieuwe ideeën op te doen. Tijdens een team2daagse zal ik mijn curriculumanalyse presenteren om zo mijn collega's ook alvast een inkijkje te gunnen in waar ik zelf mee bezig ben.

Ideetjes die nog heel voorzichtig liggen te broeden zijn het meekijken BUITEN de opleiding (op zoek naar mijn zone van naaste ontwikkeling, want dat behoort zeker niet tot mijn comfortzone!) en het organiseren van een inspiratie(mid)dag voor collega's waarin ik enkele thema's die we in de MLI hebben besproken met ze wil delen om daarover vervolgens in gesprek te gaan....

Wordt vervolgd.....